header-4-2

Voor redacties en uitgevers die willen innoveren en professionaliseren, heeft Bolster een keuzegids samengesteld van de verdienmodellen die we inbouwen in geavanceerde online magazines. Lees hier: welk verdienmodel past bij jou, en waarom?

Het begint met toegevoegde waarde

Journalistiek heeft op internet nieuwe verdienmodellen nodig. Het vermogen van nieuwsmedia om veel mensen te bereiken is niet langer uniek, en advertentie-inkomsten vloeien grotendeels weg naar Google en Facebook. Van de reusachtige omzetten en dito winstmarges die papieren kranten en tijdschriften dankten aan hun monopolie op aandacht, distributiemiddelen en advertentieruimte is op internet dan ook geen sprake.

Om met redactionele content voldoende omzet te genereren om een professionele redactie te kunnen bekostigen, moet je dan ook echt wat kunnen toevoegen aan het medialandschap. Daarom is het goed om stil te staan bij de vraag: welke toegevoegde waarde creëer je eigenlijk? Vier aanzetten:

Informatie

Vaak gaat het bij journalistiek om maatschappelijke impact of juist om verstrooiing, maar in andere gevallen is het echt de inhoudelijke informatie die dermate schaars en waardevol is dat individuele mensen willen betalen voor toegang ertoe.

Maatschappelijke relevantie

Is het publieke belang van je verhalen het belangrijkste geproduceerde goed? Ook dan kunnen mensen ervoor willen betalen, maar is het dan weer minder logisch om de content achter een harde betaalmuur te plaatsen.

Aandacht en gebruikersdata

Vooral bij algemeen nieuws, roddels en entertainment gaat het niet om de inhoud noch om de maatschappelijke relevantie, maar is het puur de aandacht van gebruikers (en hun gebruikersgegevens) die schaars is, hetgeen je al snel in de richting brengt van advertenties en branded content.

Relaties

Je bent een platform dat gebruikers en organisaties met overeenkomstige demografische kenmerken (op basis van geografie, interesse, beroepsgroep) bij elkaar brengt. Redactionele content fungeert als bindmiddel van een breder ecosysteem dat economische transacties mogelijk maakt (door jou of door gebruikers aangeboden) waar jij als platform van meeprofiteert. Denk aan job boards, trainingen en cursussen, evenementen of directe verkoop van producten/diensten.

Je kunt pas een verdienmodel inzetten wanneer je duidelijk weet wat het schaarse goed is dat je te gelde wil maken, dus houd dit in het achterhoofd wanneer je de verschillende mogelijkheden doorneemt.

Paywall van The New York Times.

Vier problemen met betaalmuren

Doordat advertentie-inkomsten steeds verder onder druk komen te staan, is een betalend lezerspubliek wellicht de belangrijkste kurk waar toekomstige verdienmodellen op drijven. Er zijn echter vier potentiële problemen met paywalls:

1. Minder nieuwe lezers

Papieren kwaliteitscontent was vroeger standaard betaald, maar het internet maakt contentpublicatie dermate eenvoudig dat gratis toegankelijkheid eerder regel is dan uitzondering. Gratis openbare content kan worden geïndexeerd en verspreid door zoekmachines, gedeeld via sociale media, en ontdekt door nieuwe gebruikers. Nieuwe betalende abonnees moeten je content wel eerst kunnen vinden.

2. Doei advertentiecenten

Van oudsher combineren printmedia betaalmuren met advertentiemodellen. Vanwege het kleinere speelveld op print was dat een valide combinatie, maar hardere betaalmuren zijn funest voor advertentie-inkomsten. Mede door Google en Facebook hebben journalistieke media echter een onomkeerbaar slinkend deel van de advertentiemarkt in handen, wat een van de redenen is dat printmedia op internet steeds strengere betaalmuren oprichten.

3. Minder impact

Om journalistieke impact te hebben en de maatschappelijke agenda te bepalen, is onbelemmerde toegang tot je content wel zo handig. Bovenal wil je gewoon dat zoveel mogelijk mensen je verhaal lezen en aan het denken worden gezet.

4. Consumenten of supporters?

Als je journalistiek produceert met maatschappelijke meerwaarde, zullen ook betalende abonnees steeds vaker juist willen dat anderen jouw verhalen kunnen lezen, zelfs al trekken zij zelf de portemonnee ervoor. Dat geldt zeker voor digitale platforms die zich bij uitstek profileren op hun maatschappelijke impact, zoals De Correspondent, OneWorld en Follow the Money.

Abonnementen worden te vaak nog als zuiver transactionele relaties geconceptualiseerd, waarbij lezers hoofdzakelijk als consumenten worden gezien, in plaats van als supporters die je werk mede mogelijk willen maken en helpen verspreiden.

Deze problemen zijn niet onoverkomelijk; het gaat erom dat je er rekening mee houdt. Bij de bespreking van verschillende typen betaalmuren gaan we dan ook in op bovengenoemde bezwaren.

1. De harde paywall

Harde paywall met een opstapje: je moet registreren, maar dan is het nog even gratis

Wanneer alleen betalende lezers toegang hebben tot content, is er sprake van een harde betaalmuur. Ze zijn bekend van dagbladen en tijdschriften, die ondanks de afhankelijkheid van advertentie-inkomsten een belangrijk deel van hun omzet verkrijgen van betalende abonnees. Vanwege de krimpende advertentiemarkt zijn de harde paywalls snel in populariteit gestegen. Overwegingen:

  • Is je content onmisbaar voor een vastomlijnde doelgroep, zoals kan gelden voor zakelijke media en vakbladen, of wanneer je informatie publiceert die ook voor consumenten financieel voordeel verstrekt (zoals bij productvergelijkingen en -tests), dan kan het zinvol zijn een extra harde paywall te hanteren.
  • Een manier om wat te doen aan de vind- en deelbaarheid van je content, is de adoptie van een freemium-model: elke publicatie heeft een op zichzelf waardevol en vrijelijk deelbaar openbaar gedeelte, maar betalende bezoekers krijgen toegang tot een verdiepend gedeelte.1
  • Ook kun je een ‘opstapje’ creëren door te werken met gratis proefperiodes. Als mensen een account hebben op je website of je op zijn minst beschikt over hun e-mailadres, is de kans al een stuk groter dat je ze weet te verleiden om in een vervolgfase de portemonnee te trekken. Dit vergt veelal de inzet van gerichte marketingcampagnes met de inzet van sociale media, speciale landingspagina’s en geautomatiseerde e-mailmarketing.

Er zijn verschillende manieren waarop je een paywal concreet kunt realiseren:

Website-inbouw

Wil je alles in eigen hand houden en een vriendensysteem eenvoudig kunnen uitbreiden met speciale functies voor ingelogde donateurs, zoals afgeschermde premium content, exclusieve downloadbare bestanden of interactieve functies? Dan is het zinvol om dit in je eigen website in te bouwen. Heb je een WordPress-website, dan kun je met Pronamic Pay of WooCommerce Subscriptions werken; een setup op basis van Stripe Subscriptions is ook in andere CMS’en in te bouwen. Tip: geavanceerde platforms met dit soort paywall-systemen (die weer verknoopt kunnen worden met payment providers zoals Mollie of Buckaroo voor de betalingsafhandeling) bouwen wij graag; deze functies zitten ingebakken in Perikles Journalism.

Patreon

Geef je alles – van contentpublicatie tot betalingsafhandeling – liefst helemaal uit handen, maar heb je geen ontwikkelbudget voor een professionele website? Dan kun je ook kijken naar Patreon. Zij vragen wel een fee van 5% over al je inkomsten. Patreon werkt echter niet met iDeal, waardoor periodieke abonnementen via Paypal of creditcard moeten – en dat staat effectief gebruik op de Nederlandse markt zeker in de weg. Recent was er bovendien veel onrust toen Patreon een heel nieuw tarievenstelsel wilde doordrukken.

Betaalde nieuwsbrief

Een goede ‘tussenvorm’ die de onbelemmerde vind- en deelbaarheid van je website-content combineert met een abonnement op exclusieve extra’s, is de betaalde nieuwsbrief. De oude, vertrouwde e-mailnieuwsbrief is toch al de manier bij uitstek om relaties te organiseren met trouwe lezers, of ze nou betalen of niet; door de ‘premium’ content in je nieuwsbrief te stoppen is het ook niet meer nodig om je website allerlei lastige betaalmuren in te bouwen. Al hoeft die content niet eens exclusief te zijn: je kunt de inhoud ook op je website publiceren en mensen vooral laten betalen voor het gebruiksgemak van een periodieke e-mail.

Het Nederlandse Revue had al een uitstekend e-mailnieuwsbriefplatform, en je kunt je nu aanmelden voor de wachtlijst voor de aangekondigde uitbreiding met een systeem voor betaalde nieuwsbrieven.Lees voor meer informatie en achtergronden vooral hun Medium-post.

visual

Hoe werf je leden en donateurs online?

Hoe zet je online-middelen in om meer donateurs, leden of betalende abonnees te werven?

2. Losse verkoop via Blendle

blendle-alain-2
Reporters Online-artikel van Blendle-kanon Alain Verheij

Verdiende eer voor een platform van Nederlandse bodem: met Blendle kun je losse artikelen verkopen. Via Reporters Online kunnen ook freelancers en kleine magazines hun artikelen op Blendle én hun eigen site publiceren tegen betaling – en freelance journalisten kunnen er zeer betaalbaar een website met Blendle-plugin laten hosten.

Het grote verschil met een harde of metered paywall is dat je geen langetermijnrelatie opbouwt met lezers. Blendle is dan ook in de eerste plaats interessant voor individuele freelance journalisten die prikkelende artikelen schrijven die de tongen doen roeren.2 Als Blendle internationaal verder doorbreekt, kan het een goudmijn zijn voor auteurs die in het Engels publiceren.

Blendle wordt uiteraard ook – voornamelijk, zelfs – ingezet door kranten en tijdschriften om naast hun vaste abonnees een extra doelgroep aan te boren. De houdbaarheid van het model is echter twijfelachtig: succes van Blendle veronderstelt dat lezers een relatie met Blendle aanknopen in plaats van een abonnement bij een krant of magazine af te sluiten. Dat is althans de premisse van de losse verkoop en van het Blendle Premium-abonnement dat je een dagelijkse selectie van artikelen uit verschillende media geeft.

3. De 'metered' paywall

Metered paywall-melding van The New York Times
Metered paywall-melding van The New York Times

Een manier om de vind- en deelbaarheid van je artikelen niet te veel te beschadigen met je paywall is door een metered paywall in te zetten, waarbij gebruikers een beperkt aantal artikelen per maand gratis mag lezen, voordat alsnog om betaalde registratie wordt gevraagd. Dit wordt bijgehouden in een browsercookie.

Metered paywalls zijn echter een gemankeerde poging om betaalde toegang voor abonnees te combineren met onbelemmerde toegankelijkheid voor nieuwe lezers. Ga maar na: regelmatige lezers moeten betalen voor wat incidentele bezoekers gratis krijgen, en dan ook nog eens pas nadat ze al meermaals onverwachts een artikel niet mochten lezen.

Hoe je je abonnees ook wil verwerven, het lijkt me een goede vuistregel om niet je gebruikers te irriteren naarmate ze je vaker bezoeken, in de hoop dat ze willen betalen om jou te laten ophouden irritant te doen.

Metered paywall-tips

  • Bezoekers kunnen een metered paywall omzeilen door de link in een incognitobrowser te openen. Op zich is dat niet bezwaarlijk: het idee is niet dat het een waterdicht beveiligd systeem is, maar dat bezoekers verleid worden om, voor het eigen gemak en uit loyaliteit, toch maar betalend abonnee te worden.
  • Een metered paywall is alleen een optie voor media-organisaties met een zeer hoge publicatiefrequentie – je doelgroep moet immers met behoorlijke regelmaat je website bezoeken voor ze überhaupt wordt gevraagd om te betalen. Het vergt ook een flinke hoeveelheid kennis van je doelgroep (en van website-statistieken) om te bepalen hoe je dit middel effectief inzet.
  • Het is hier belangrijk om de juiste gebruikerservaring te creëren. Mensen die gedurende langere tijd het maximum-aantal gratis leesbare artikelen niet ‘halen’ raken geconditioneerd dat je content ‘gewoon gratis’ is en zijn later wellicht moeilijk van het tegendeel te overtuigen, terwijl alleen je belangrijkste groep van regelmatig terugkerende bezoekers met een betaalverzoek worden lastiggevallen.

Voor internationale kwaliteitsmedia zoals The New York Times is het een prima optie, omdat ze de halve wereld als doelgroep hebben en dagelijks ongelofelijke hoeveelheden artikelen publiceren. Op landelijke schaal is het om vergelijkbare redenen logisch voor bijvoorbeeld NRC en De Volkskrant.

4. De poreuze paywall

Poreuze paywalls heb je in diverse smaken: artikelen van De Correspondent zijn alleen toegankelijk indien direct benaderd (bijvoorbeeld wanneer je doorklikt naar een artikel vanaf Facebook of Twitter), waarbij het eenvoudig vinden van links naar overige artikelen een abonnement vereist. De artikelen van OneWorld daarentegen hebben alleen een melding halverwege het artikel.

De poreuze paywall die Bolster ontwikkelde voor OneWorld

Enige kenmerken en relevante overwegingen:

  • Artikelen zijn openbaar toegankelijk, maar je krijgt doorgaans wel (voordat je het kunt lezen, of halverwege het artikel) een wegklikbaar verzoek om betalend abonnee te worden;
  • Omdat je artikelen ook zonder betaling relatief eenvoudig kunt lezen, worden poreuze paywalls vaker ingezet door media die een abonnement ook als vorm van steun zien. Wanneer je het als abonnee belangrijk vindt dat deze verhalen gemaakt (én gelezen) worden, is een paywall niet alleen onnodig, maar zelfs ongewenst. De Correspondent werft dan ook geen abonnees maar leden, waar je bij OneWorld vriend kunt worden. Dit zijn clubs waar je bij wil horen, geen informatiediensten waar je een strikt transactionele relatie mee onderhoudt.
  • Desondanks: voor wat hoort wat, je krijgt er natuurlijk wel íets voor terug. Correspondent-leden kunnen eenvoudig alle artikelen vinden, reageren en op diverse manieren participeren, en bij OneWorld krijg je tienmaal per jaar het papieren blad in de bus.

5. Losse donaties

Wil je onbelemmerde toegang bieden tot je verhalen, en zijn je producties desondanks belangrijk en waardevol genoeg dat anderen vrijwillig betalen om de totstandkoming mede mogelijk te maken? Dan komen donaties, crowdfunding en fondsen om de hoek kijken.

Feitenchecker Snopes.com haalde in één dag een half miljoen op

Om te beginnen: losse donaties. De meest succesvolle voorbeelden opereren in het Engelse taalgebied, en dat is niet verwonderlijk: wellicht mede omdat The New York Times een metered paywall heeft, maakt The Guardian kans om uit te groeien tot de belangrijkste Engelstalige site voor kwaliteitsjournalistiek. Logisch dat die krant zich qua abonnementenverkoop op de Britse thuismarkt richt, terwijl de rest van de wereld om incidentele donaties wordt gevraagd.

Donaties zijn vooral zinvol wanneer er relatief veel mensen zijn die jou hoog hebben zitten doch slechts af en toe lezen en nooit een abonnement zullen afsluiten. In tegenstelling tot hun Angelsaksische evenknieën geldt voor Nederlandse media: de doelgroepen van potentiële donateurs, losse-artikel-kopers en abonnees overlappen grotendeels, en dan kun je je maar beter op de laatste richten.

6. Periodieke donaties

Steeds losse artikelen verkopen of donaties werven vergt steeds opnieuw een betalingsbeslissing; het aardige van internet is juist dat ook laagdrempelige doch duurzame betrokkenheidsrelaties mogelijk zijn. Het is op termijn veel lucratiever om mensen te verleiden voor een klein bedrag per maand jou tot wederopzegging te blijven steunen.

Als je toch om een donatie vraagt, doe dat dan gelijk periodiek, en koppel dat aan een speciale nieuwsbrief, geef er een naam aan (je wordt dan ‘vriend van’) – en het is vervolgens een kleine stap om die vrienden ook wat extra waarde te bieden. Vaste donateurs krijgen bijvoorbeeld een website-account, kunnen andere notificaties krijgen, als enige het recht om reacties achter te laten, kunnen uitgenodigd worden voor borrels, ga zo maar door. Maar: dan kom je eigenlijk al op het model van de harde paywall uit.

7. Crowdfunding

Als je al geen publieke omroep bent, word je er ook niet zomaar eentje. Voor grote bijzondere projecten is het denkbaar dat je via crowdfunding budget bij elkaar sprokkelt. Tot enige jaren terug had je daarvoor Yournalism, maar tegenwoordig kun je terecht bij crowdfundingplatform Voordekunst en de Coöperatie (voor freelance journalisten) die hiervoor een samenwerking is gestart.

8. Fondsen

Daarnaast zijn er diverse fondsen voor journalistieke projecten:

9. Web-ads

Scenery-iPhone-5c-390-27-04-2018-12-55
Verder helemaal niet irritant of zo

De wereld van automatisch verhandelde (programmatic) display ads digitale-advertentiemarkt is een wereld op zich. De algoritmes van Google en talloze advertentienetwerken verhandelen automatisch op grote schaal advertentieruimtes op redactionele websites, geholpen door de voortdurende toevoer van websitestatistieken en de verrijking van gebruikersprofielen. 

Als het puur om eyeballs gaat kunnen adverteerders goedkoper en effectiever hun doelgroepen via Google en Facebook vinden. Automatische bied- en plaatsingsystemen zorgen voor meer efficiëntie en kostenreductie, maar ook voor irritantere reclames die de gebruikerservaring verstoren en de relatie tussen lezer en medium eroderen. Je verkoopt in feite de kwaliteit van de gebruikerservaring – en in een wereld van teruglopende advertentie-inkomsten is ook nog eens sprake van teruglopende meeropbrengsten: je moet steeds agressievere technieken toepassen om enig resultaat te zien.

Dat is natuurlijk niet houdbaar. Grote mediaconglomeraten kunnen voorlopig niet zonder, maar nieuwe journalistieke media doen er beter aan om lezers te laten betalen, of door relevantere relaties tussen organisaties en gebruikers mogelijk te maken met bijvoorbeeld een partnersysteem.

10. Zelf verkochte partner-advertenties

Advertenties die je zelf verkoopt zijn waardevoller. Ja, je moet er dan wel zelf wat energie in steken, maar de opbrengsten zijn hoger. Vaak zijn het ook gewoon berichten van bevriende organisaties met relevante boodschappen, zoals deze advertenties op het door Bolster gebouwde NieuwWij.nl. Op een platform voor interreligieuze dialoog valt een advertentie van een bureau voor geloofscommunicatie of het (overigens onvolprezen) Dominicanenklooster in Huissen uiteraard geenszins uit de toon. 

In Perikles Journalism heeft Bolster een advertentiesysteem ingebouwd waarmee je banners met en zonder tekst kunt plaatsen, naast of onder artikelen, maar ook een grote banner bovenin je site kunt plaatsen. Click-tracking, beheer van diverse advertentielocaties en Google Ads-fallback zit er ook in. Omdat de advertenties in het CMS van je site worden beheerd en ook tekst kunnen bevatten, is het verschil met branded content maar klein, en dat is precies de bedoeling. 

Advertenties op het door ons ontwikkelde NieuwWij.nl

11. Podcast-advertenties

Podcast-advertenties zijn een totaal ander beestje dan website-ads. Wie naar een scherm kijkt heeft de keuze om de aandacht te vestigen op games, sociale media, Netflix, websites, Whatsapp of wat dan ook. Maar tijdens het sporten, forensen of stofzuigen zijn muziek, radio of podcasts de enige soorten media die geconsumeerd kunnen worden. Podcasting biedt dan ook toegang tot een nieuw reservoir van wekelijks vele uren potentiële gebruikersaandacht waar de meeste concurrerende media en bovenal de advertentieplatforms van Facebook en Google hen vooralsnog nog niet weten te bereiken.

Podcastluisteraars zijn bovendien nog eens stukken aandachtiger aan het luisteren dan naar algemene radio; áls hij naar je luistert, dan heb je al gauw toegang tot een halfuur per week onverdeelde aandacht – dat is al snel meer tijd dan welk medium dan ook. Om die reden zijn podcasts ontzettend kansrijke media om mensen te bereiken, en vooral ook: daarom heb je echt wat aan podcast-advertenties en zijn de inkomsten per 1000 bereikte gebruikers een stuk hoger dan bij andere media.

Tip: in Nederland is er sinds 2017 het podcastplatform Dag en Nacht Media, dat onder meer een professioneel advertentiesysteem aanbiedt.

Onze podcast heeft al wel een nieuw logo, nog geen nieuw seizoen.

12. Native ads & sponsored content

Veel begripsverwarring in deze categorie. Onder native ads, advertorials en sponsored content worden doorgaans reclameboodschappen verstaan, afkomstig van & gemaakt door de adverteerder, die moeten overkomen alsof het redactionele artikelen zijn. Daar krijgen we vaak een beetje jeuk van, indien een poging wordt gedaan de lezer te neppen. Wij houden dan weer meer van partnerberichten (zie het volgende punt). Maar om het verschil nog even te verduidelijken:

Native advertising

Native advertising is een advertentie die vermomd is als redactionele artikelen. De kopij is doorgaans afkomstig van een reclamebureau. De inhoud is geschreven vanuit het gezichtspunt en belang van het adverterende bedrijf

Sponsored content

Gesponsorde content wordt in principe door de redactie geschreven, vanuit een ‘neutraal’ gezichtspunt, maar bevat bijvoorbeeld een logo en link naar de website van de adverteerder. Ook is de onderwerpkeuze wel in overleg met de adverteerder bepaald. Uiteraard is redactionele onafhankelijkheid per definitie in het geding, maar dit is niet per definitie problematisch. Een fietsfabrikant die een artikelenserie over leuke fietsroutes of verkeersveiligheid sponsort vertegenwoordigt niet snel een aantasting van redactionele onafhankelijkheid; een serie kritische tests van concurrerende fietsmerken is een ander verhaal.

13. Partnerberichten

Als je organisaties een plekje op je site geeft om zelf te bloggen en verhalen te delen, en die zijn relevant en herkenbaar als gesponsorde bijdragen – en deze organisaties zijn herkenbaar als auteur – dan kan dat prima werken. Dit kunnen organisaties zijn die bijvoorbeeld ook vacatures of evenementen publiceren op je website. (Voor een online magazine met een uitgebreid partnersysteem, check Perikles Journalism).

Partnerberichten op OneWorld.nl

Hoe pak je een partnersysteem aan? Dat kan in gradaties van complexiteit:

  1. Je publiceert ze zelf op je website in een bepaalde rubriek en factureert dit handmatig aan organisaties.
  2. Je bouwt een rollen- en rechtensysteem in waarbij medewerkers van partnerorganisaties zelf kunnen inloggen en artikelen kunnen publiceren (eventueel pas na goedkeuring)
  3. Je voegt ook een betalingssysteem toe dat partners publicatierecht geeft voor onbeperkte publicatie (met periodieke betaling) of per artikel laat afrekenen met een creditssysteem, liefst met automatische registratie van betaling en facturatie

14. Job-board of agenda

Behalve artikelen kun je ook uitgebreidere redactionele functies aanbieden aan partners. Het is daarbij vooral zinvol om stil te staan bij de vraag: waar betalen organisaties nu al voor? Ze hebben vaak een budget voor de promotie van georganiseerde evenementen en het promoten van hun vacatures. Niet alleen kan jouw online magazine daar een rol in spelen als de doelgroep aansluit, maar de kans zit er ook in dat zo’n adverteerder ook omwille van goodwill je platform op deze manier wil steunen.

15. Trainingen en cursussen

Nog een uit de categorie ‘waar betalen bedrijven toch al voor’: het promoten dan wel mede zelf aanbieden en organiseren van opleidingen en cursussen zijn een lucratieve inkomstenbron van veel online magzines.

Daarbij is het ook zinvol om te overwegen de rol van ‘magazine’ te heroverwegen, omdat redacties nog wel eens de neiging hebben om te veel te denken vanuit de medialogica van een papieren blad. Dat kan ertoe leiden dat je geneigd bent te denken en opereren als strikt een aanbieder van artikelen en andere ‘newsy’ content, terwijl je in feite een platform bindt dat mensen met bepaalde overeenkomstige interesses en informatiebehoeften verbindt – met elkaar, en met organisaties & bedrijven. Het waardevolle schaarse goed dat je produceert bestaat vooral uit de onderlinge verbindingen in een gemeenschap. En in zo’n gemeenschap kunnen allerlei commerciële transacties ontstaan waar je aan kunt verdienen als je helpt bij de totstandkoming ervan.

15. Tip: hanteer een hybride strategie

Veel uitgevers en online-magazines hanteren een gemengde strategie waarmee verhalen een breed publiek kunnen bereiken (belangrijk voor impact, abonneewerving en advertentieinkomsten), maar er toch iets exclusiefs aan betalende abonnees kan worden geboden. Ook worden directe lezersinkomsten dikwijls gecombineerd met vormen van advertenties, sponsoring en diverse partnerfuncties.

Er is dan ook geen universeel toepasbare strategie of toverrecept; de beste combinatie van verdienmodellen hangt af van je uitgeefstrategie en het type relatie dat je met abonnees onderhoudt. Denk aan factoren zoals:

  • Heeft toegang jouw informatie een hoge economische waarde voor je lezers, zoals het geval kan zijn voor vakmedia?
  • Heeft je content hoge maatschappelijke waarde, zodat zelfs betalende abonnees willen dat anderen je verhalen juist kostenloos tot zich kunnen nemen?
  • Heb je een lage of hoge publicatiefrequentie? Publiceer je incidentele topverhalen, dan kan losse verkoop via bijvoorbeeld Blendle interessant zijn, terwijl metered paywalls die pas na vijf gratis artikelen per maand om geld gaan vragen alleen bij hoge aantallen gepubliceerde artikelen in beeld komen.
  • Hoe belangrijk is de ‘tussengroep’ van regelmatige lezers die je kwijt zou raken bij invoering van een harde paywall? Directe inkomsten afkomstig van een betaalmuur wegen mogelijk niet op inkomstenstromen die openbare publicatie vereisen, zoals advertenties en platformfuncties.

16. Kies een strategische tech-partner

perikles-journalism-thumb

Perikles Journalism: voor ambiteuze redacties

Hét platform voor online magazines. Vertel mooiere verhalen - met een verdienmodel.

Deze zag je wellicht al aankomen: misschien de belangrijkste tip is om een partner te kiezen die niet alleen goede en mooie redactionele platforms ontwerpt en bouwt, maar ook helpt bij de finetuning uitgeefstrategie en selectie van verdienmodellen.

Bij Bolster werken we dagelijks aan geavanceerde redactionele platforms voor journalistieke en maatschappelijke organisaties: van professionele magazines zoals OneWorld tot universiteitsbladen als Erasmus Magazine.

Lees verder over Perikles Journalism, bekijk de cases van Bolster of neem contact op.

Wakker Dier-recepten

Leden werven met je website: 6 tips

Met lessen uit ons werk voor GroenLinks, Wakker Dier, Young & United en anderen!

  1. Het probleem blijft dat je moet kiezen waar de echt waardevolle content wordt geplaatst: in het openbare of afgesloten gedeelte? ↩︎
  2. Dat is ook wel noodzakelijk, omdat de betaalmuur vereist dat elk artikel een kleine publiciteitscampagne nodig heeft om een omzet te genereren die meer is dan een paar tientjes. Bij Reporters Online zijn ze daar nochtaans erg bedreven in, en voor een gestaag groeiende groep freelancers is het een belangrijke inkomstenbron. ↩︎